Home
Dating voor hoger opgeleide singles
Home Facts & figures Succesverhalen Hoe werkt het?

zaterdag 8 mei 2010

joggen is bloggen

Het duurde zoals gewoonlijk een tijdje eer ze kwamen. Maar nu zijn ze er. Lekker.
Na de eerste kilometer doet het een tikje pijn, na nog eentje wat meer. Maar je wacht tot ze komen. En dan zijn ze er ineens en wordt het fijn. Zij gaan met je op de loop: de endorfines. En de serotinines. Je begint met lopen, je gaat wat dieper en ineens wórdt je gelopen. En je raakt een beetje in trance. Het lijkt op rustig dieselen. Een beetje roezig rondhobbelen. En je begint wat afwezig weg te dromen, terwijl het benenwerk vanzelf gaat.

Het is beginnen regenen. Het water loopt langs de kraag van mijn joggingvestje koud naar binnen via mijn nek. Maar ’t kan me niet schelen. Ik heb het inmiddels lekker warm en loop op de automatische piloot. Door het stadspark.

Ik moest er vandaag nog gauw een blogje uitpersen, want de afgelopen dagen heb ik het schrijven nogal verwaarloosd. Ik dacht, weet je wat, ik ga een loopje met mezelf nemen en dan groeit dat blogje van zelf in mijn hoofd. Als een bloemkool. En dat werkt inderdaad.

Die neurotransmitters dus. Die hormonen die wellicht gemaakt zijn van droomstof. Je moet zorgen dat je er elke dag je portie van opdoet, want het maakt dat je grenzen niet langer belemmeringen zijn, maar gewoon heggetjes waar je overheen springt. Elke grens wordt een wens om die te verleggen.

Feromonen en fotonen en endorfines: onbestemde geurtjes, helder licht en opwekkende hersenstofjes! Dat maakt het leven leuk en lekker...

Als het kan – met vakantie - loop ik wel eens aan het strand. Op blote voeten als het kan. Wat een prettig en sensueel décor om in te lopen is dat. Die lekkere zilte lucht. En dat verende, ietwat vochtige zand naast de vloedlijn. En dat gevoel van ruimte en horizon. En dat ruisende geluid van aanrollende golven. Alle vijf je zintuigen in standby.

Waarom al dat geloop? Om dezelfde reden als waarom je adem haalt. Doe je dat niet dan kom je nooit te weten hoe het is wanneer je de adem wordt benomen. Het is als een eerste kus, als klaarkomen, als aankomen na de pelgrimstocht naar Compostella.

Bij tegenslag en ellende, bij deugd en vreugd: joggen helpt altijd. Het is een troubleshooter, een afrodisiacum, een manier om verveling op afstand te houden, een methode om je abdominale vet te verbranden, een manier om jezelf weer eens tegen te komen, een geschenkje aan jezelf, een levensbeschouwing.

Joggen – jogger – jogst.

Vandaag is het lopen extra leuk. Annabel, mijn nieuwe vriendinnetje, loopt met me mee. Voor de eerste keer samen. Ze is nog een jong ding. Ze moet nog vierenzestig worden. Ik ben een paar jaar ouder.Voor we begonnen hadden we elkaar gepolst.

“Laat maar eens zien hoe hard jij gewoonlijk loopt, Enrique.” had ze gezegd.
“Oh, ik loop niet zo hard als jij!” liet ze me gauw weten.

Dus dan maar wat trager. Hoffelijk blijven. Maar gezellig naast elkaar. Af en toe een blikje naar opzij. En genieten van haar benenwerk. E le cose relative.

En toch wel een beetje fier dat ik dus harder kan…

Ineens schieten er een paar opgeschoten jonge slungels voorbij. Met het soevereine gemak van de jeugd trekken ze lekker door, met genoeg reserve om ook nog te tetteren tegen elkaar.

“Zullen we wat douwe, ouwe?”

Het klinkt niet onvriendelijk. ’t Is een leuk grapje, geboren uit de vreemde collegialiteit die lopers met elkaar delen. Annabel en ik moeten er wel om lachen.

Aan ’t eind van de beukendreef komt ons een leuk vrouwtje tegemoet, pakweg 45 jaar. Een plezier om naar haar soepele pasjes te kijken. Er achter komt een man van dezelfde leeftijd ongeveer. Als hij haar voorbij zal gaan steken, zie ik hoe hij ineens een pak sneller loopt. De rug een stuk rechter, de passen langer en driftiger, de kin omhoog. Hij wil wat indruk op haar maken. Een beetje baltsen. Alle ogen op Kwatta. Ik kijk Annabel aan. We lachen. Zij heeft het ook gezien. Als hij ons gaat crossen ziet hij aan ons gemonkel dat we ‘m doorhebben. Hij kijkt een tikkeltje betrapt en gegeneerd.

Als we de laatste kilometer ingaan, gebeurt het.

“Pak me dan… als je kan… en anders ook!”

Ineens schiet Annabel er als een pijl vandoor. Ik doe mijn best, maar ik kan haar niet bijgebeend krijgen. Ik voel me precies wat ik ben: bedot. Op mijn pik getrapt. Beduveld en bedonderd. Vernacheld. Gepluimd. Mijn mannelijke waardigheid te kakken gezet.

Wie over zich heen laat lopen is een stoeptegel! Frustratie met pruimen!

Annabel staat breed te grijnzen als ik bij haar kom. De armen in haar zij. Als ze m’n beteuterde gezicht ziet, moet ze pas echt lachen. En wat doe je dan, als man zijnde. Maar wat meesmuilend meelachen.

Maar als ze me plots op een dikke knuffel trakteert, is alles vergeven.
Hoe moet ik mijn Annabel behappen? Bij het lekkerste stukje beginnen, neem ik aan.

Wat is elkaar graag zien toch leuk en lekker en lief…
Ti amo, Annabella!


© 2010 by Rik van Even.

geplaatst door Yang - 4872 keer gelezen

beoordeeld 4.56/5 (16 Stemmen)

Om te reageren op dit blog moet je lid van Match4me.be zijn!
Schrijf je gratis in!



<< Startpagina

Over match4me - Privacy & cookies - Algemene voorwaarden - Veelgestelde vragen - Herroeping - Contact
Veilig online winkelen met BeCommerce!

Mobiele site
Android app on Google Play iPhone app on iTunes
© Match4me.be