Home
Dating voor hoger opgeleide singles
Home Facts & figures Succesverhalen Hoe werkt het?

zaterdag 28 september 2013

Afscheid van mijn vader

 

 

Drie weken geleden

Nog steeds krijg ik een beklemmend gevoel wanneer ik een ziekenhuis binnenstap. Mijn kids vinden dit wel grappig voor een moeder die verpleegkundige is. Ik heb hen al vaak proberen uit te leggen dat een ziekenhuis niet meer of minder is dan een groot bedrijf. Ook hier moeten cijfers in balans blijven, moeten ze werk verschaffen aan een aantal mensen.Daarnaast moeten ze natuurlijk goede geneeskundige zorg leveren en dit bij voorkeur op mensenformaat. Laat ik aan dat laatste soms een beetje twijfelen!

Vandaag ben ik er  gelukkig niet als patiënt. Neen, vandaag ga ik als bezoeker. Va ligt sinds 14 dagen op de afdeling geriatrie. Hoogbejaard, bijna 97 jaren oud: nog goed bij zijn verstand zoals ze hier zeggen maar een lijf dat niet meer mee wil. Of zoals hij zelf vaak gekscherend zegt: 'tot op de draad versleten!'

Als ik de afdeling binnenstap ruik ik die typische 'aroma' typerend voor deze afdeling. De kamerdeur bij va staat wijd open. Vreselijk vind ik dit. Wie waakt er over zijn privacy? Hij ligt te kijk voor alle bezoekers welke in de gang passeren. Bovendien heeft va het altijd koud. Geen zuchtje wind lijkt hij nog te kunnen verdragen. Hij die in het harde boerenleven weer en wind heeft getrotseerd!

Va ligt bijna bewegenloos in het niets te staren. Het is confronterend om deze sterke man nu zo te zien liggen. Pyjama maakt dat hij er nog kwetsbaarder uitziet!

Handen plukken gedachteloos aan het laken....Wanneer ik binnenkom, zie ik zijn ogen oplichten. Zijn stem klinkt schor en hij lijkt van ver te komen als hij mij begroet. Blij dat ik er ben. Ik zet me naast hem zodat ik zijn hand kan vasthouden. Als we de nieuwtjes hebben uitgewisseld, zitten we stil bij elkaar. Meer moet dat niet zijn. Elkaar gewoon gezelschap houden. Af en toe slaapt va een beetje. Tussen de 'slaapjes' in kijkt hij of ik er nog ben. Wat is hij vermagerd de afgelopen weken. Bleek, oogleden die niet goed meer sluiten, een beetje speeksel aan de rechter mondhoek dat ik zachtjes wegveeg.

Waar is die kleine sterke man? De va die ons toen we klein waren met één waarschuwing stil kreeg op de overbevolkte meisjesslaapkamer. De va welke steeds aan het werk was: steeds wroeten in de kempische aarde en zorgend voor zijn vele dieren. Zelden nam hij de tijd om eens rustig te ontspannen . Altijd had hij wel wat te doen. Vakantie was een uitvinding van mensen die niet graag werkten, was zijn opinie! Al keek hij telkens uit naar de vele ansichtkaarten die we hem stuurden en luisterde hij steeds erg geïnteresseerd naar onze verhalen.

Waar is die va toch die ongelooflijk sterk was en veel kon ondanks zijn tengere gestalte en geringe grootte. De va die voor niets uit de weg leek te gaan, voor niets bang leek te zijn!

Waar is die doorzetter, die man die uren met ons in discussie kon gaan, maar over gevoelens moeilijk kon praten...

Waar is die va die ontzettend veel liefde in zich had. Ons groot gezin was zijn leven, zijn wereld! Wat was hij fier op zijn kroostrijk gezin!

Nu is hij nog slechts een schim van zichzelf. Een voor één moet hij zaken uit handen geven omdat hij verzwakt. Hij lijkt zich over te geven, rekent meer en meer op onze hulp en dit zonder tegenpruttelen, zonder discussie. Geen goed teken!

Twee weken terug

Va ligt nog steeds in het ziekenhuis. Zijn infuus heeft hij uitgetrokken alsof hij wil aangeven dat het genoeg is geweest. Eten gaat steeds moeilijker, zelfs de muizenhapjes die hij eet worden een immens grote opgave die hem uitermate uitputten. Bovendien heeft hij geen trek meer; in niets, laat staan in ziekenhuiskost. De goedbedoelde meegebrachte lievelingshapjes laat hij voor wat ze zijn. Nog eenmaal snoept hij van een meegebrachte 'chacha' alsof hij deze smaak wilt meenemen voor later. Elke dag lijkt hij nog wat kleiner en smaller te worden. Het is duidelijk dat de ziekenhuisopname niet de verhoopte beterschap zal brengen die we dachten, stilletjes hoopten...

Weer zit ik bij va aan zijn ziekenhuisbed. Op mijn vraag wat hij nog graag zou willen, vraagt hij mij met schorre stem om hem terug naar huis te brengen. Later blijkt hij dat hij elke broer en elke zus hierom gevraagd heeft.

Ik kan zijn wens om thuis te sterven, al wordt dit niet op die manier door hem benoemd, niet naast me neerleggen. Zodra ik thuis ben, trommel ik broers en zussen op om te bespreken hoe we va thuis optimaal 24 uur op 24 kunnen omringen met al onze liefdevolle zorgen zoals hij en 'moe' zo vaak hebben gedaan voor ons.

Drie weken plannen we voorruit in de toekomst. Werkroosters, privéafspraken, kinderopvang kleinkinderen worden naast mekaar gelegd. Maar de 'puzzel' krijgt vorm. Va kan snel thuiskomen, wetende dat er altijd één van zijn kinderen of kleinkinderen dicht bij hem zal zijn...

Va terug naar huis brengen vraagt ook wat praktische organisatie. Als ook dit geregeld is, zijn we er allemaal klaar voor.  Zaterdag komt va terug naar zijn geliefde dorp, naar zijn heimat, naar zijn thuis!

De dag ervoor ga ik hem nog even geruststellen. Ik vertel hem over het bed in de living zodat hij wanneer het kouder wordt de warmte kan voelen van de kachel, 'Blokken' kan zien en daarbij de TV loeihard mag zetten, dat de kat hem gezelschap kan houden maar bovenal dat hij terug in zijn vertrouwde omgeving zal zijn....

Ik moet mijn oor bijna tegen zijn mond leggen om te horen wat hij zegt. 'Het is goed' klinkt het zacht. Het zijn ook de allerlaatste woorden die hij uitspreekt. De dankbare glimlach en tranen die ik dan in zijn ogen zie, bevestigen dat we de juiste beslissing hebben genomen.

Eén week geleden

Va komt vandaag naar huis. Even lijkt het niet door te kunnen gaan. Zijn specialist vindt zijn toestand nog verslechterd en vraagt zich af of we wel weten waaraan we beginnen. Ik bevestig dat we va zijn laatste wens willen respecteren en dat hij naar huis mag/moet komen. Dat we er klaar voor zijn.

Broer vergezelt va in de ziekenwagen. Een beetje morfine moet de rit pijnloos een aangenamer maken.

En dan ligt hij daar in zijn opgesteld bed in de living: zo kwetsbaar, zo fragiel, bijna doorzichtig. De korte rit heeft hem uitgeput, de morfine houdt hem in slaap. Hij heeft moeite met ademen. Ik tel de tijd dat hij niet lijkt te ademen. Telkens opnieuw opgelucht wanneer hij herneemt. Mijn hand rust in zijn hand net als vroeger. Ik hoop dat hij zich nu ook geborgen voelt net zoals ik dat vroeger was.

Ik ben er van overtuigd dat hij weet en voelt dat hij terug thuis is.

Ik vertel hem dat ik van hem houd, dat we goed voor mekaar zullen zorgen als hij er niet meer is, dat zijn leven goed is geweest, dat 'moe' op hem wacht samen met kleinzoon. Zij zullen het van ons overnemen. Maar tot die tijd zullen wij hem koesteren, voor hem zorgen, niet van zijn zijde wijken... Va wordt rustig. Het lijkt of hij me begrijpt en hoort.

Wanneer de avond in nacht overgaat lijkt zijn toestand terug 'genormaliseerd'. Hij heeft geen ademstops meer. Gerustgesteld vertrekken broers en zussen naar huis en zal ik, tijdens zijn eerste nacht terug thuis, over hem 'waken' samen met één van mijn zussen.

Op het ritme van zijn ademhaling, met mijn hand nog steeds dicht bij zijn hand, val ik in slaap in mijn zeteltje dat ik naast zijn bed heb gekampeerd. Ik slaap onrustig, droom... Ik droom de dood te kunnen ruiken en wordt bruusk wakker. Va ademt nog één keer, nog een tweede keer....

En dan is een lieve man, een geweldige vader en grootvader van ons heengegaan....

Dank je lieve va voor alles!

En zoals in de uitvaartviering Bram Vermeulen in het lied Testament zong:‘Dood ben je pas als ik je ben vergeten.....'

 

 


geplaatst door One4me - 5293 keer gelezen

beoordeeld 4.69/5 (13 Stemmen)

Om te reageren op dit blog moet je lid van Match4me.be zijn!
Schrijf je gratis in!



<< Startpagina

Over match4me - Privacy & cookies - Algemene voorwaarden - Veelgestelde vragen - Herroeping - Contact
Veilig online winkelen met BeCommerce!

Mobiele site
Android app on Google Play iPhone app on iTunes
© Match4me.be